(Witte) leggings
Gisteren was ik aan het winkelen met een erg aardige mevrouw. Ik help haar al jaren met het uitzoeken van haar najaarsgarderobe. Door de jaren heen weet ik precies wat haar smaak is en waar ze zich prettig in voelt. Tijdens de passessie kwam een oudere dame bij ons staan. ‘Prachtig’, knikte ze goedkeurend over de outfit die ik had uitgezocht voor mijn klant. ‘Stijlvol, modieus en toch passend bij uw leeftijd’. De dame was mooi gekleed in een gestreept jasje met een zandkleurige pantalon. Bijpassende schoenen. Smaakvol gekapt. Ik complimenteerde haar met haar verschijning en we raakten kort in gesprek. Ze vond dat Nederlandse vrouwen zich over het algemeen slecht kleedden. Het ergste vond ze leggings, ja, daar gruwde ze van. ‘De meeste mannen vinden ze doorgaans ook afschuwelijk. Ik begrijp niet dat zoveel vrouwen ze tóch dragen’.
Leggings. Een heikel onderwerp, want in Nederland hebben we voor- en tegenstanders van dit maffe kledingstuk. En o wee wanneer je er iets over zegt, of schrijft wat niet overeenkomt met de uitgesproken smaak van de leggingdraagster. Maar ik doe het toch, met gevaar voor eigen leven; leggings zijn passé en erg jaren tachtig. Toentertijd was het roze exemplaar onder de bezielende leiding van gymjuf Jane Fonda even leuk, maar al snel werd het een kledingstuk wat bovenaan het lijstje Nooit Meer Dragen werd gezet.
Witte leggings onder een (te) kort spijkerrokje, gecombineerd met slippers zijn helemaal erg. We doen er alles aan om die melkflessen in de zomer enigszins toonbaar te maken. We scheren, epileren, harsen en smeren ons een hernia in de badkamer. Daarna stoppen we onze onderdanen in een witte(!) legging. Ik heb nog nooit een vrouw gezien die mooier werd van een witte legging onder een jeansrok. Een witte legging is alleen leuk voor hele kleine meisjes én balletdansers.
Meestal roepen vrouwen- wanneer we het over de legging hebben- dat ze worden gedragen als maillot, maar voor mij telt dat niet. Wanneer je niet een bloot enkel ziet, is het geen legging, maar een soort steunkous. Onze tante Hinke van bijna honderdendrie draagt ze ook, maar dan in huidskleur.
Daarnet kwam onze dochter Cornalie naar beneden, klaar om naar Groningen te gaan voor een dagje shoppen met haar vriendin. ´Wat vind je, mam? Zie ik er zo goed uit?’
Cornalie droeg een zandkleurig jasje met hippe elleboogstukken, lang strak T-shirt met een print en haar onafscheidelijke Vans gympen, want hakken tijdens een shopdag is niet handig. De bruine haren in een staart, zorgvuldig mascara aangebracht op de lange wimpers. Lipgloss. Bijpassende tas bungelend aan haar arm. Mét een zwarte legging. ‘Prachtig’, zei ik goedkeurend en wenste haar een geweldige dag. Volgende week wordt ze zestien.