Tante Hinke
Afgelopen week werd onze tante Hinke honderd-en-drie jaar oud. Ze zat in een prachtig zalmkleurig pakje, de zilverwitte haren keurig gekapt in een Grace Kelly rol met bijpassende sieraden in de koffiekamer van de Oranjewoudflat in Heerenveen. Omringd door familie, wethouder Coby van der Laan en wat goede (oude) vrienden.
Tante was in haar jonge jaren haar tijd ver vooruit. Ze reisde al in de jaren zestig- de burgerluchtvaart stond nog in de kinderschoenen- naar Trinidad. Haar dochter woonde daar destijds, en tante stapte op het vliegtuig en kwam- na een paar maanden- via Canada weer terug. Voor ons nam ze spannende mutsen, haarbanden en bijzondere sjaals mee uit dat verre winterse land dat wij alleen kenden van de aardrijkskundelessen van meester Wapstra.
Als kind vond ik het een feest om bij haar te logeren, want tante Hinke hield van mooie spullen en was dol op prachtige kleding. Ze zag er altijd piekfijn uit en was alle jaren dat ze in Gorredijk woonde- tot aan haar vijfenzeventigste- vaste klant bij toen nog modehuis Rinsma. Vlak voor haar honderdste verjaardag heb ik nog een keer met haar gewinkeld. Materiaal, model, knopen en ritsen werden secuur gecontroleerd, want voor tante telde alleen de allerbeste kwaliteit.
Sinds vorig jaar gaat haar gezondheid achteruit. Ze ziet heel weinig, is zeer slecht ter been en is snel moe. Maar haar verstand is nog bijzonder scherp. Wanneer ik bij haar op bezoek ben vraagt ze steevast wat ik draag. Meestal kan het haar goedkeuring wegdragen, vooral wanneer ik iets kleurigs aan heb. Ze voelt aan het materiaal en vraagt of het nu weer in de mode is. Ze haalt herinneringen op aan de tijd dat minirokken en broekpakken voor vrouwen revolutionair waren, of memoreert aan iets wat ze zelf mooi vond en wat in haar jeugd modern was. Af en toe sorteren wij samen de sieradendoos, ze weet exact waar alles moet liggen en wat ze wil dragen bij welk pakje.
Haar voeten en benen raken opgezet door het vele zitten. Of tante niet liever pantoffels draagt, vroeg ik laatst, die strakke schoenen zitten toch niet lekker wanneer de voeten zo gezwollen zijn. Ze wil er niet van horen, een dame ontvangt haar gasten niet op sloffen. Geen denken aan.
Tante had, heeft en zal altijd stijl houden. Ze is, naar eigen zeggen, stokoud maar zal zich nooit verlagen tot het dragen van gemakzuchtige spullen. Wanneer ik na mijn wekelijkse bezoekje aan tante weer naar huis fiets, denk ik vaak aan haar favoriete uitspraak. ‘Nea de sturtfearren hingje litte, famke’, zegt ze steevast wanneer ik haar complimenteer met haar pakje, of met haar fris gekapte haren.
Wanneer een pauw zijn prachtig gekleurde staartveren laat hangen, is het einde in zicht. Tante Hinke gaat echter al ruim een eeuw door het niet altijd gemakkelijke leven. Fier, stijlvol en elegant gekleed. Misschien is dat wel, samen met zeer goede genen, een van de sleutels tot haar extreem hoge leeftijd.